ABRvS 12 november 2025, ECLI:NL:RVS:2025:5489 – Sluiting café wegens drukte en gebrek aan beveiligers met spoedeisende bestuursdwang in dit geval acceptabel.

Print deze pagina

Instantie Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Datum uitspraak: 12 november 2025

Datum publicatie: 12 november 2025

ECLI: ECLI:NL:RVS:2025:5489

Fragment:

Beoordeling van het hoger beroep

4.       De burgemeester betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat hij in het bestreden besluit onvoldoende draagkrachtig heeft gemotiveerd dat er sprake was van een spoedeisende situatie en dat direct optreden geboden was. De burgemeester voert hiertoe aan dat hij zijn besluit, behalve op de processen-verbaal van de politie en stadstoezicht, ook heeft gebaseerd op een rapportage van een toezichthouder Openbare Orde en Veiligheid van de gemeente. De rechtbank heeft die toezichthouder op de zitting ten onrechte niet bevraagd over de situatie en heeft ten onrechte de rapportage niet betrokken bij de toetsing. De burgemeester voert aan dat uit de drie bewijsstukken gezamenlijk blijkt dat er na de eerste charge en de gemaakte afspraken opnieuw sprake was van een aanzwelling van publiek rondom Opium. Omdat een soortgelijke situatie kort daarvoor al had geleid tot een charge, moest de gemeente er rekening mee houden dat dit opnieuw kon gebeuren. Dat de beveiligers bij Opium niet gecertificeerd waren, was bovendien op zichzelf al voldoende om Opium te sluiten. Gecertificeerd personeel is nodig om er zeker van te zijn dat zij met extreme drukte om kunnen gaan. Een begunstigingstermijn was praktisch niet haalbaar. Opium had in dat geval ofwel opnieuw ontruimd moeten worden, ofwel open moeten blijven zonder gecertificeerde beveiligers.

4.1.    De rechtbank heeft de in beroep ingebrachte rapportage van een toezichthouder Openbare Orde en Veiligheid niet kenbaar betrokken. Ook zonder dat rapport te betrekken is de Afdeling, in tegenstelling tot de rechtbank, van oordeel dat de burgemeester onder verwijzing naar de processen-verbaal van de politie en stadstoezicht voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake was van een spoedeisende situatie waarbij direct optreden geboden was.

Uit de aan het besluit ten grondslag gelegde processen-verbaal van de politie en stadstoezicht blijkt dat het in de avond op 11 november 2019 zo druk was bij café Opium dat mensen in de verdrukking zijn gekomen. Uit die rapportages blijkt dat het in café Opium en buiten op het terras bij Opium zo vol was dat bezoekers het café niet meer konden verlaten. Hierop heeft een medewerker van café Opium contact gezocht met de politie. De politie heeft vanuit het oogpunt van bescherming van de openbare orde en veiligheid besloten om Opium te ontruimen door middel van een charge met paarden. Dit duidt naar het oordeel van de Afdeling op een situatie waarbij de veiligheid van de bezoekers van het café in ernstige mate in het gedrang is gekomen. De toezichthouder Openbare Orde en Veiligheid heeft verklaard dat er die avond veel jongeren aanwezig waren in het café en dat de burgemeester daardoor temeer aanleiding zag om de veiligheid te waarborgen. De burgemeester heeft na de ontruiming aan café Opium de mogelijkheid geboden om open te blijven onder strikte voorwaarden, die onder andere inhielden dat er twee gecertificeerde beveiligers moesten worden ingezet. Deze voorwaarde is gesteld om de menigte beter te reguleren bij de ingang van het café, zodat de veiligheid van de bezoekers kon worden gegarandeerd. Op de zitting bij de Afdeling hebben zowel de burgemeester als de vennootschap verklaard dat de drukte in de stad die avond – zowel voorafgaand aan, als na afloop van de charge bij café Opium – uitzonderlijk was. Ook verrichtte de politie aanhoudingen wegens opstootjes met beveiligers van andere cafés. Uit de rapportages blijkt ook dat café Opium niet aan de gestelde voorwaarde heeft voldaan om twee gecertificeerde beveiligers in te zetten. Tijdens een controle door de politie, ongeveer een half uur na de ontruiming, is vastgesteld dat de portiers niet in het bezit waren van de verplichte beveiligerspas. Een portier van een nabijgelegen café die op het moment van de controle door personeel van café Opium was gevraagd om mee te lopen naar café Opium heeft bovendien verklaard dat hij niets met het café te maken heeft. Naar het oordeel van de Afdeling heeft de burgemeester hierin, mede gelet op de gevaarlijke situatie eerder op de avond, de wijze waarop café Opium met de voorwaarden is omgesprongen en de nog altijd bestaande drukte in de stad, aanleiding mogen zien om over te gaan tot spoedeisende bestuursdwang. Met het niet naleven van de voorwaarden ontstond een reële kans op herhaling van het gevaar van verdrukking. Dit risico op herhaling mag de burgemeester betrekken bij de belangenafweging voor het toepassen van spoedeisende bestuursdwang. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 2 juli 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2380, onder 6.1. De burgemeester heeft zich niet ten onrechte op het standpunt gesteld dat een begunstigingstermijn in dit geval praktisch niet haalbaar was.

Het betoog slaagt.

Bron: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RVS:2025:5489

Print deze pagina

Leave a Reply

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *