ABRvS 25 februari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:978 – Niet aannemelijk dat sprake is van strijd met het gelijkheidsbeginsel. Gelet hierop zijn de stukken uit overige handhavingsprocedures geen op de zaak betrekking hebbende stukken als bedoeld in 8:42 Awb.
Instantie Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Datum uitspraak: 25 februari 2026
Datum publicatie: 4 maart 2026
ECLI: ECLI:NL:RVS:2026:978
Fragment:
Overige gronden
7. [verzoeker] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het college in strijd handelt met artikel 8:42 van de Awb, omdat het niet alle stukken heeft ingebracht die betrekking hebben op het handhavingstraject ten aanzien van het buurperceel.
7.1. Ingevolge artikel 8:42, eerste lid, van de Awb moet het college alle op de zaak betrekking hebbende stukken overleggen. Daartoe behoren alle stukken die het college ter raadpleging ter beschikking staan of hebben gestaan en die van belang kunnen zijn voor de beslechting van de bestaande geschilpunten. De voorzieningenrechter wijst op de uitspraak van de Afdeling van 29 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1833, onder 10.2.
De voorzieningenrechter overweegt dat op grond van de stukken die zich in het dossier bevinden en de op de zitting gegeven toelichting door partijen de conclusie kon worden getrokken dat geen sprake is van strijd met het gelijkheidsbeginsel (zie overwegingen 6.2 en 6.3 hierboven). Gelet daarop hoefde het college andere stukken met betrekking tot het handhavingstraject bij het buurperceel niet over te leggen op grond van artikel 8:42, eerste lid, van de Awb.
Het betoog slaagt niet.
Bron: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RVS:2026:978
Leave a Reply