CBb 2 juni 2026, ECLI:NL:CBB:2026:246 – Rb. handelt in strijd met goede procesorde door verweerder geen ruimere gelegenheid te bieden om verweer te voeren op een eerst ter zitting aangevoerde beroepsgrond.

Instantie: College van Beroep voor het bedrijfsleven

Datum uitspraak: 2 juni 2026

Datum publicatie: 2 juni 2026

ECLI: ECLI:NL:CBB:2026:246

Hogerberoepsgrond 1: de rechtbank heeft in strijd met de goede procesorde gehandeld

3 De minister voert aan dat de rechtbank in strijd met de goede procesorde heeft gehandeld door het onderzoek op de zitting niet te schorsen en de minister niet de gelegenheid te geven voor een reactie op het, voor het eerst op die zitting, door de maatschap naar voren gebrachte betoog dat het niet om haar varken gaat, gelet op het feit dat de lostijd in het rapport van bevindingen (omstreeks 12:00 uur) niet overeenkomt met de lostijd op het vervoersdocument (7.30 uur) en omdat het oornummer van het varken niet op de foto’s bij het rapport van bevindingen te zien is. Als de minister die gelegenheid wel had gekregen, had de minister het kunnen uitzoeken en kunnen aantonen dat het hier om een foutje gaat en dat voldoende vaststaat dat het varken van de maatschap afkomstig is.

4 De maatschap heeft in reactie hierop gesteld dat geen sprake is van een nieuw argument of nieuwe grond, omdat de maatschap op de zitting bij de rechtbank alleen op de tekortkomingen en onjuistheden in het rapport van bevindingen heeft gewezen, terwijl de maatschap al eerder had aangevoerd dat het rapport van bevindingen aan alle kanten rammelt. De minister was zelf al bekend met de in het vervoersdocument genoemde lostijd.

Beoordeling College

5 Het College is van oordeel dat de hogerberoepsgrond slaagt. De rechtbank heeft in strijd met de goede procesorde gehandeld door de minister niet uitgebreider de gelegenheid te geven voor een reactie op de voor het eerst op de zitting bij de rechtbank door de maatschap ingenomen betoog dat het niet om haar varken gaat. De enkele eerdere stelling van de maatschap “dat het rapport aan alle kanten rammelt” was onvoldoende concreet om van de minister te verwachten dat hij op dit specifieke verweer zou zijn voorbereid. De minister heeft in zijn hogerberoepschrift zijn reactie gegeven op dit betoog van de maatschap. Het College zal deze grond hierna bespreken.

Bron: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:CBB:2026:246