ABRvS 4 november 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2616 – feitelijke situatie, niet juridische vestiging bedrijven, bepalend voor of BP wordt overtreden.

3.2.    De Afdeling overweegt allereerst dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat voor de vraag of sprake is van een overtreding van het bestemmingsplan de feitelijke en niet de juridische vestiging van bedrijven op het terrein van belang is. Hierbij neemt de Afdeling in aanmerking dat de beschrijving van het begrip ‘bedrijf’, zoals volgt uit de planregels, gaat over de uitvoering van feitelijke werkzaamheden door het bedrijf op het daarvoor bestemde terrein. Ook heeft de rechtbank van belang mogen achten dat blijkens de plantoelichting de keuze voor de toegestane bedrijven en de beperking in het aantal mede is ingegeven door de geldende milieu- en geluidsnormen. Dit duidt er immers op dat het in het plan gaat om feitelijke vestiging.

Volgens artikel 3.3, onder b, van de planregels mogen hoogstens twee bedrijven feitelijk op het terrein aanwezig zijn. De Afdeling ziet daarom aanleiding om te onderzoeken of de rechtbank terecht heeft overwogen dat van feitelijke vestiging van meer dan twee bedrijven op het terrein geen sprake is.

https://www.raadvanstate.nl/uitspraken/@123056/201909066-1-r1/

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *