ABRvS 22 april 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2251 – Schending 5:51 Awb, boete pas 58 weken na boeterapport opgelegd = matiging met 5%.

Print deze pagina

Instantie: Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Datum uitspraak: 22 april 2026

Datum publicatie: 22 april 2026

ECLI: ECLI:NL:RVS:2026:2251

Overschrijden termijn uit artikel 5:51 van de Awb

5.       [appellante] voert aan dat de rechtbank ten onrechte de boete niet heeft gematigd wegens overschrijding van de dertienwekentermijn uit artikel 5:51, eerste lid, van de Awb. Dat daarvoor sprake moet zijn van bijzondere omstandigheden volgt niet uit jurisprudentie van de Afdeling.

5.1.    In artikel 5:51, eerste lid, van de Awb is bepaald dat indien van de overtreding een rapport is opgemaakt, het bestuursorgaan binnen dertien weken na dagtekening van het rapport over het opleggen van de bestuurlijke boete beslist. Het boeterapport is gedateerd op 8 februari 2022. Bij brief van 10 februari 2023 heeft de minister aan [appellante] schriftelijk kennisgegeven dat hij voornemens is om een boete op te leggen. Op 23 maart 2023 heeft de minister besloten om een boete op te leggen. De termijn van dertien weken is dus overschreden. De minister heeft dit op de zitting bij de Afdeling ook erkend. Zoals de Afdeling eerder heeft geoordeeld, bijvoorbeeld in haar uitspraak van 9 juni 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1232, is de dertienwekentermijn een termijn van orde. Dat betekent dat, zoals de rechtbank terecht heeft overwogen, aan de overschrijding daarvan voor de bevoegdheid om een boete op te leggen geen consequenties zijn verbonden. Zoals volgt uit de uitspraak van de Afdeling van 8 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:913, onder 9.4, kan de bestuursrechter de overschrijding van de beslistermijn echter wel verdisconteren in de hoogte van de boete. Het boetebesluit is in dit geval ongeveer 58 weken, oftewel ruim een jaar nadat het boeterapport was uitgebracht, genomen. Dit is onwenselijk lang. De Afdeling ziet daarom, anders dan de rechtbank, aanleiding om de overschrijding van de dertienwekentermijn te verdisconteren in de hoogte van de boete. Een matiging van 5% acht de Afdeling passend en geboden. De boete wordt gelet op het vorenstaande verminderd met € 787,50.

5.2.    Het betoog slaagt.

Bron: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RVS:2026:2251

Print deze pagina

Leave a Reply

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *